Verbinden met een Sunny Mini Central A(-11) / TL / TL(RP)-10 / HV-11 omvormer via Bluetooth en (netbewakings-)parameters aanpassen in Sunny Explorer (NL).

August 2017

1. Verbinden met de omvormer

Om de instellingen te wijzigen van omvormers die communiceren  met een Bluetooth Piggy-Back, dient men gebruik te maken van het programma Sunny Explorer. Indien je Sunny Explorer nog niet op je computer hebt staan, neem dan eerst eens een kijkje naar dit artikel.

1.1 Bluetooth Netwerk instellen


Uw computer moet ook uitgerust zijn met Bluetooth, liefst klasse 1. Dit kan eventueel via een Bluetooth USB stick. Vergeet de Bluetooth op je PC zeker niet aan te zetten!

Indien je omvormer voorzien is van spanning zou hij zichzelf herkenbaar moeten maken. Indien de omvormer dit niet doet kan je op het Piggy-Back bordje een draaiknop terug vinden. Zet deze draaiknop op een waarde tussen 2 en F.

1.2 Verbinding maken


Kijk eerst na op welk NetID de omvormer zich beschikbaar maakt voor verbinding. Start daarna Sunny Explorer op en maak een nieuwe installatie aan op de software.

Kies als communicatietype voor Bluetooth.

Voer een zoekopdracht uit met Sunny Explorer en selecteer de omvormer op het juiste NetID.

Hierna zal de software de verbinding met de omvormer opbouwen en vragen naar je gebruikers- of installateurspasswoord. Nu beland je in Sunny Explorer.

2. De netbewakingsparameters wijzigen naar Nederlandse normen

2.1 Grid Guard code

Vooraleer de installateur netbewakingsparameters kan gaan wijzigen, moet deze zijn/haar Grid Guard code ingeven in Sunny Explorer. 

Er komt een icoontje (sleutel) naast het serienummer als alles correct is.

 

Selecteer de omvormer waar de aanpassing op dient te gebeuren en ga naar instellingen -> Netbewaking.

Hierna kan je verdergaan en de nodige parameters wijzigen.

2.2 De netbewakingsparameters wijzigen

In Nederland zijn de limietwaarden verschillend voor grote en voor kleine installaties. Voor installaties kleiner of gelijk aan 3 x 16 A wordt de landnorm NEN EN 50438:2013 aangehouden en moet men geen instellingen wijzigen. Voor installaties groter dan 3 x 16 A wordt de Netcode Elektriciteit aangehouden. Hier werd in 2013 de bovengrens opgetrokken naar 253 V.

Zorg er eerst voor dat de omvormer ingesteld staat op de juiste landinstellingen. Selecteer bij ‘Landnorm instellen’ de ‘NEN EN 50438:2013’ norm. 

LET OP: Het kan zijn dat deze landcode niet beschikbaar is (zoals op afb 8.) bij enkele specifieke modellen. In dit geval selecteert u de ‘EN 50438’ norm en maakt u onderstaande aanpassingen. Indien u wel de ‘NEN EN 50438:2013’ geselecteerd hebt en gebruik maakt van een grote installatie, mag u verder gaan bij het puntje ‘Aanpassen van de bovengrens voor grote installaties’.

2.3 Aanpassen van de EN 50438 norm naar NEN EN 50438:2013 richtlijnen

Onderstaande parameters dienen aangepast te worden naar de waarden die gelden voor de NEN EN 50438:2013 norm. 

Onderste maximumdrempel naar 253,0 V en de bijhorende uitschakeltijd naar 2.000 ms.
Bovenste minimumdrempel naar 184,0 V en de bijhorende uitschakeltijd naar 2.000 ms.

Onderste maximumdrempel naar 51 Hz en de bijhorende uitschakeltijd naar 2.000 ms.
Bovenste minimumdrempel naar 48 Hz en de bijhorende uitschakeltijd naar 2.000 ms.

2.4 Aanpassen van de bovengrens voor grote installaties

Alle parameters zijn hetzelfde als bij de ‘NEN EN 50438:2013’ met uitzondering op de volgende:
Onderste maximumdrempel naar 243,8 V en de bijhorende uitschakeltijd naar 2,000 ms.

Vergeet niet op te slaan!